DSASpeelgroep

Een forumpje voor onze spelersgroep.
 
IndexFAQZoekenRegistrerenGebruikerslijstGebruikersgroepenInloggen

Deel | 
 

 Achtergrond verhaal Karsa Orlong

Ga naar beneden 
AuteurBericht
Matt
Zwaarddanser
Zwaarddanser
avatar

Aantal berichten : 1598
Leeftijd : 32
Location : Ergens in t'bos.
Registration date : 21-08-07

BerichtOnderwerp: Achtergrond verhaal Karsa Orlong   di nov 16, 2010 1:57 pm

BG Karsa Orlong


Baalhoek

Baalhoek, een klein dorpje in het steeneikwoud aan het begin van het steeneikgebergte in Thorwal. Het telt ongeveer 150 inwoners, een 35 tal gezinnen, waarvan een derde, vooral houthakkers en jagers, buiten het dorp zelf wonen op enkele mijlen richting de kust. De economie van het dorp draait dan ook rond hout van deze steeneiken.

Het is algemene kennis dat het Steeneikgebergte de grens is tussen mens en ork. In Baalhoek kwam het dan ook jaarlijks voor dat enkele van deze barbaren afdaalde uit de bergen om het dorp te plunderen. Maar sinds de komst van Ebron Khald, Torvald Nom, Fayella T’omorol en Korbolo Dom is deze jaarlijkse tragedie gestopt. Het is nu al jaren geleden sinds de laatste rooftocht plaatsvond. Het zijn zij die er jaarlijks voor zorgen dat de orks zich van gedachte veranderen.

Enkel de dorpsraad is ervan op de hoogte dat de vier, magiegebruikers zijn. Thorwalers staan niet bekend voor hun voorliefde van magie daarom houden de dorpsouderen dit geheim dan ook voor zichzelf. Het is niet nodig de jongere generatie onrustig te maken wanneer er overeenkomst is gemaakt met de Druïden.


10 Jaar na de laatste inval.

De vier druïden hebben zichzelf zo gemanoeuvreerd dat ze uitgenodigd zijn om in de dorpsraad deel te nemen. Door het genezen van zieken, vergaren van geheimen en het verwijderen van tegenstanders is het de commune gelukt een permanente plaats in het dorp te verzekeren.


20 Jaar na de laatste inval: Karsa Orlong

Het was een kille winter nacht, een dik pak sneeuw bedekte de eeuwen oude ruïne. Ebron Khald huiverde toen er een ijzige wind door zijn berenmantel kwam. Hij herplaatste de zware mantel rond zijn schouders. Achteloos speelde hij met één van de kraaienpoten die aan zijn mantel bevestigd waren. Al sinds hij klein was had hij een curieuze fascinatie voor de klauwen van deze vogel.
Het was nu 20 jaar dat hij deze magische plek bewaakte, en telkens weer veraste de schoonheid van deze plek hem. Vooral in het duister wanneer het vuur in het midden van de cirkel schaduwen wierp op het woud rondom de ruïne. Het waren de geesten van vele generaties die naar deze plek werden getrokken. Hun morbide schaduwen vormde een macabere dans die zowel elegant als angstaanjagend was.

Een zacht gekraak van sneeuw kondigde de komst van zijn vrienden aan. Torvald Nom betrad de cirkel als eerst. Ebron glimlachte bij het zien van zijn altijd streng kijkende vriend.
“Nors, je stralende blik warmt mijn hart als gewoonlijk.” Het was bijna onmogelijk maar trekken van de man verzuurde nog meer.
“Klauw, je weet beter dan mijn echtgenoot te tarten.” Verkondigde de Fayella T’omorol die vanachter Torvald tevoorschijn kwam. Ze haakte haar arm rond die van Nors. “Let maar niet op hem mijn geliefde. Spaar je warmte maar voor in de slaapkamer.”
“Dat verbaast me Parel.” Sprak een derde stem. Korbolo Dom die van de andere kant van de cirkel opdook, op de hiel gevolgd door een knul met krullende haren, grijnsde jongensachtig.
“We zijn er nu allemaal, laten we ter zaken komen. Stuur de jonge even weg Scherp. Dit zijn zaken die hij niet moet aanhoren.”
“Natuurlijk Nors. Bairoth ga even weg wil je, blijf wel in de buurt. We gaan zo verder met je opleiding.” De jonge draaide zich zonder een woord te zeggen om en verdween terug in het woud.

Klauw, Nors, Parel en Scherp wandelde naar het midden van de cirkel waar ze rond het vuur gingen staan. Ze namen elkanders handen vast en prevelde enkele woorden in stilte. Even later lieten ze elkaars handen los. Scherp was de eerste die sprak.

“Het bloed in dit dorp is inderdaad zuiverder dan op andere locaties. Ik heb nog een jongen ontdekt die magie door zijn aderen heeft vloeien. De zoon van Orlong, de houthakker. Karsa is de naam van de jongen. “
“Dat is geweldig, als we op dit tempo magiebegaafden blijven vinden hebben we in 30 jaar genoeg leerlingen om ons erfgoed aan door te geven. Hoe ben je op deze vondst gestuit Scherp?”
“Orlong had een ongeluk tijdens het werken Parel, ik ben hem wat helende kruiden gaan brengen om wondkoorts te voorkomen. Het was me onmiddellijk duidelijk dat zijn zoon de gave had.”
“Hoe oud is hij.” Vroeg Nors.
“De jongen is aan zijn derde levensjaar begonnen enkele dagen geleden.”

Klauw deed een stap naar voren om zijn verkleumde handen te warmen aan de vlammen. “Mooi. Het is hoogstnoodzakelijk dat de jonge Karsa onder onze supervisie komt te staan. Ik zal de ongelukkige ouders vannacht nog een bezoekje brengen. Wat dachten jullie van vuur? Brand is veel voorkomend in deze koude maanden. Een ongelukkig vonkje en het hele huis gaat in vlammen op. Nors, jij zal de dorpelingen moeten inlichten van de brand. zodat ze de jonge Karsa zo snel mogelijk wordt gevonden. Zijn jonge lichaam is nog niet bestemd tegen deze koude. Ik zal voor de rest zorgen.”

“Daar kan ik voor zorgen.”
“Nog één ding.” Scherp draaide zich naar Nors. “Wanneer wou je het gelukkige nieuws met ons mededelen?”
“Wat voor nieuws?” Gromde Nors.
“Euh, Parel?” vroeg Scherp grijnzend van oor tot oor.
Parel van haar stuk gebracht omarmde haar echtgenoot. “Mijn liefde, je gaat vader worden.”

Bij het zien van de verwonderde blik op het gezich van Nors, vielen Klauw en Scherp beide van het lachen op de grond. Even later nadat ze hun zegeningen uitdeelde vertrokken ze allemaal. Scherp zocht zijn leerling op om hem verder te onderwijzen. Parel ging naar huis. Nors wandelde rustig naar het dorp, om genoeg tijd te geven aan Klauw.

Later die avond vonden de dorpelingen Karsa, helemaal verkleumd in de sneeuw naast het afgebrande huis. Orlong en zijn vrouw hadden de brand niet overleefd. De dorpsraad besliste het ongelukkige kind onder de hoede van Ebron Khald te geven.



10 jaar later: Medium

Doorheen de jaren was er veel veranderd in Baalhoek. Het dorp was gegroeid en had nu ook twee kleinere zuster dorpen in het westen en oosten. De houthandel was toegenomen, tot grote ergernis van de commune. Maar tegen deze expansie konden ze weinig ondernemen zonder zichzelf bekend te maken. Het dorp telde nu rond de 300 inwoners. Er was zelf een eenheid gardisten permanent gestationeerd in het dorp. De dorpsraad had het meeste gezag verloren die ze voordien hadden. Beorn Jackson, de luitenant van de gardisten, had nu de leiding over de raad. Hoe ergerlijk de situatie ook was voor Ebron Khald wist hij toch enig gezag te behouden. Alles moest echter in het geheim gebeuren, en hun geheim moest koste wat kost verborgen blijven. Het was echter bedroevend dat ze zich tot dreigementen moesten verlagen bij de ouderen die hun geheim wel kende.

De zon was net ondergegaan en Karsa stond rusteloos te ijsberen in de cirkel van de ruïne. Bairoth Gild stond niet ver van hem. Zijn ogen priemend in Karsa’s rug. De tweeling Dayliss en Delum Nom, de kinderen van Parel en Nors, zaten rond het vuur een spelletje aan het spelen. Ondertussen danste de schaduwen hun macabere dans. Karsa rekte zichzelf uit en stapte naar voren. En greep Bairoth bij zijn kraag. Hoewel de andere ouder was dan Karsa stond de 13 jarige jongen oog in oog met hem. Hij aanschouwde het gebroken gezicht van de jongeling zonder terug te deinzen. De verwoesting was het gevolg geweest van een trap van een muilezel in het gezicht.

“Hoef, het is tijd. Laten we de geesten aanroepen.” Sprak Karsa op ernstige toon.
“Je doet wat je niet laten kan Rots. Deze keer draag jij de gevolgen maar. Ik ga niet nog een keer jou rotzooi opkuisen. Niet zoals de vorige keer met die verdomde muilezel van je!”
“Het was jouw idee geweest om mij het beest te doen controleren Hoef.” Zei karsa ongestoord. “Je wist dat ik daar nog niet klaar voor was. Ik heb spijt van wat er nadien gebeurd is.”
“Hou je compassie voor jezelf Rots. Hij is niet welkom.”
Zonder er nog een woord vuil aan te maken stapte Karsa naar de tweeling. “Nimmer, Noch stop met spelletjes te spelen. We gaan beginnen. Ga bij Hoef staan.”

De twee stonden op en namen hun bordspelletje mee naar waar Bairoth stond. Karsa keek hen vol genegenheid na. Die drie waren als familie voor hem. Alhoewel Bairoth dat niet op dezelfde manier zag, was de oudere jongen een broer voor Karsa. Iemand waar hij naar opkeek. Zijn vaardigheid in de magie was buitengewoon gecontroleerd. Niet zoals Karsa, hij stond nog maar op de begin fase van deze beheersing. En dit, wist Karsa, was de reden waarom hij telkens ondoordachte dingen deed om Bairoth te laten zien dat hij het ook kon.
Karsa begaf zich naar het midden van de cirkel en spreidde zijn armen wijd boven zijn hoofd. Hij begon te neuriën, eerst zacht en geleidelijk luider en luider. De schaduwen rondom de cirkel versnelde hun dans. Sneller en sneller gingen ze. Langzaam verschenen er maar. Karsa had de tijd uit het oog verloren, het zweet droop van zijn gezicht. De dans van de schaduwen was nu zo chaotisch geworden dat het Karsa de controle begon te verliezen. Hij voelde hoe hij zijn knieën de natte sneeuw raakte. Was hij op zijn knieën gevallen? Hij wist het niet. verdoofd keek hij naar Bairoth en de tweeling. Enkel Bairoth stond er nog, de tweeling was verdwenen. De jongeling riep wat naar Karsa, het gezicht getekend door pure angst. Karsa kon de woorden niet verstaan. Hij hoorde enkel de oorverdovende fluisteringen van de geesten die hun cirkel begonnen in te sluiten. “Een ingang! Een ingang! Ik eerst! Nee ik! Laat mij eerst! Uit mijn weg!” Plots werd alles stil en als één wezen stormde de geesten zich op de hulpeloze jongen. Hij hoorde zichzelf gillen. De krijs leek eeuwen te duren. In zijn ooghoek zag hij Klauw, Scherp, Nors en Parel aanlopen op de voet gevolgd door Nimmer en Noch. Bairoth stond aan de grond genageld aan aanschouwde het tafereel in afschuw, niet wetend wat hij moest doen. Dan werd alles zwart.
Het duurde dagen vooraleer Karsa weer op zijn benen kon staan. En weken vooraleer hij weer aan zijn lessen kon beginnen. Een lange periode erna was het hem verboden geweest magie te gebruiken als hij niet in het bijzijn was van één van de meesters. En nog een lange periode erna was alles vergeven en vergeten. De vier meesters schreven het af aan puberaal gedrag en waren ervan overtuigd dat dit nooit meer zou gebeuren. Ze hadden gelijk. Sinds die dag dacht karsa eerst alles uit vooraleer hij iets ondernam.


5 Jaar later: Aanvaarding

Klauw keek glimlachend neer op de geknielde jonge man voor hem. De knaap die Scherp 15 jaar geleden gevonden had was niet meer. Voor hem knielde een Druïde. Hij was geslaagd in zijn laatste proef. De test van loyaliteit. Karsa had de dood van zijn geboorte ouders geaccepteerd en de levenswijze van de Druïden omarmd.
Het was moeilijk geweest voor de jonge man, zoals het moeilijk was voor al de anderen die afkomstig waren van niet begaafde ouders. Het oproepen van de zielen van je voorouders en het vervolgens verbannen van deze gekwelde zielen was niet gemakkelijk.
Hij keek op en bestudeerde de gezichten van de mannen en vrouw die in een cirkel rondom Karsa stonden. De commune zou vanaf vandaag 6 Druïden tellen. Bairoth had zijn proef 2 jaar terug al volbracht. De vier andere leken allen verheugd bij het intreden van Karsa. Al was het moeilijk waar te nemen op het misvormde gelaat van Hoef.






Laatst aangepast door Matt op di maa 29, 2011 10:47 am; in totaal 2 keer bewerkt
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
 
Achtergrond verhaal Karsa Orlong
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1
 Soortgelijke onderwerpen
-
» Full Moon [NADYA]

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
DSASpeelgroep :: Karakters borbaradcampagne :: Mathias-
Ga naar: